Skip links

Don’t worry, papa!

Jarenlang werkte ze als prostituee op de Wallen in Amsterdam, maar een jaar  geleden is ze uit het vak gestapt. Op een dag ziet ze een jonge man naast zijn fiets, met kinderzitjes, staan, pratend met een buurtgenoot. Ze herkent hem als een ex-klant. Terwijl ze langs hem heenloopt en hem indringend aankijkt, raakt de man helemaal in paniek en begint spontaan te stotteren. Raïsa, zo noem ik haar maar even, knikt naar hem, en zegt op sarcastische toon: ‘don’t worry, papa’.

Raïsa heeft inmiddels meerdere ex-klanten ontdekt  in de buurt, waar ze tijdelijk onderdak heeft gevonden. Ieder van hen wordt zeer nerveus bij een ontmoeting met haar,  maar zij doet geen enkele moeite om hen te ontlopen. Dat betekent dat deze mannen, elke keer wanneer ze haar zien, een spiegel voor hun neus krijgen.

Vreemd eigenlijk… prostitutie is toch normaal? Het is toch gezond? Het moet toch kunnen in onze liberale samenleving? Het is toch zo leuk?

Wie de heftige reactie van deze mannen in ogenschouw neemt, kan niet anders doen dan de heersende doch opgedrongen visie op prostitutie eens te herzien. Natuurlijk wordt er een positief beeld van prostitutie geschetst door degenen die er veel geld aan verdienen. Natuurlijk wordt dat gedaan door beleidsmakers die koste wat kost ruimdenkend willen overkomen. Amsterdam is als de dood om truttig te worden genoemd, dus daarom blijft de stad doorvechten voor ‘schone prostitutie’, alsof dat zou bestaan.

Het fenomeen mensenhandel, daar zijn we wel over uit. Dat is slecht, en moet bestreden worden. Maar behalve mensenhandel zitten er nog meer schaduwzijden aan prostitutie. Eén van die schaduwzijden is de ‘mannenkant’ van het verhaal. Mannen die helemaal gek worden wanneer zij op straat een prostituee, die zij hebben bezocht, tegenkomen. Ik hoor sommigen al krijsen: ‘dat komt door de stigmatisering! Doordat mensen als jij een stigma op prostitutie leggen, ligt er een taboe op en voelen klanten zich onprettig’. Ik denk dat er meer aan de hand is dan een simpele stigmatisering.

Het klinkt misschien raar, maar er zijn weken dat ik meer gesprekken heb met mannen die prostituees bezoeken dan met de prostituees zelf. Mannen die aangeven dat ze niet weten hoe ze het patroon van ‘hoerenlopen’ moeten doorbreken. De worsteling die ik het meest hoor is die van dwangmatigheid. Mannen die niet naar een prostituee willen, er zelfs een afkeer van hebben, en toch gaan. Alsof ze er elke keer weer naartoe getrokken worden. Daarna hebben ze een nog grotere afkeer, niet in de laatste plaats van zichzelf.

Een man vertelde mij hoe, na een paar jaren van  regelmatig prostitutiebezoek,  normale seks hem niet meer bevredigt. Hij kwam uit bij extreme porno, bezocht homo-prostituees en bekeek uiteindelijk zelfs kinderporno. Hij is verward geraakt wat betreft zijn genderidentiteit, voelt zich schuldig ten opzichte van zijn grensoverschrijdende gedrag.

Een andere man, eind dertig, bezoekt al sinds zijn achttiende prostituees. Hij wil graag een relatie, maar heeft geen flauw idee hoe hij met een vrouw in gesprek komt. De enige manier waarop hij met vrouwen kan omgaan is seks, maar daar knappen de meeste vrouwen binnen de kortste tijd op af. Inmiddels is hij wanhopig.

Wat heeft prostitutie ons eigenlijk opgeleverd? Is het werkelijk zo leuk, normaal en gezond?  Zijn prostituanten er werkelijk zo gelukkig van geworden? Durven we over deze vraag na te denken? Of laten we ons liever intimideren door de mores van onze gepornoficeerde samenleving?